Hyacintduif

c 02-17

NL 408

Land van oorsprong: Frankrijk, in Nederland veredeld.

Algemeen voorkomen: Krachtig veldduiventype met middelhoge stand en bijna horizontale houding; donkerblauwe grondkleur met fijn geschubde vleugelschilden en vinktekening.

Raskenmerken:

Type

Stand

Kop

Ogen

Oogranden

Snavel

Neusdoppen

Hals

Keel

Borst

Rug

Vleugels

Staart

Benen

Bevedering

Krachtig veldduiftype.

Middelhoog; bijna horizontale houding.

Langwerpig, gerond.

Diep oranjerood.

Smal, blauwzwart.

Middellang, donker.

Klein en glad.

Middellang, breed bij de schouders.

Goed uitgesneden.

Breed, gerond, iets naar voren gedragen.

Breed, gerond, licht afhellend.

Lang, krachtig; vleugeldracht normaal.

Lang, staartdracht normaal.

Kort.

Glad aanliggend.

Kleurslagen:

Ø  Blauw witgeschubd.

Kleur en tekening:

Kop, hals, borst, buik, staart met boven- en onderstaatdek blauwzwart met bij voorkeur purperen glans. De grondkleur van de vleugelschilden wit. De ondereinden van de dekveren donker, de bovenste helft wit met op de punt van elke veer een klein, driehoekig donker vlekje.

De schubtekening fijn en gelijkmatig verdeeld. De slagpennen donker met op de einden witte vinktekening. Bij gesloten vleugel iss niet zichtbare schimmel in de slagpennen toegestaan. De staart met een duidelijk waarneembare donkere staartband.

Fouten:

Te klein, te hoge of te vlakke stand; te bolle kop, sterk afzettende grondkleur aan de buik, te opvallende bruine borst, schimmel in de nek, te grove schubtekening, onzuiver vleugelpatroon (roest, “peper”); spiegeltekening in de slagpennen; ontbrekende onregelmatige of te grove vinktekening; lichte oogkleur of oogranden, korte snavel.

Beoordeling:

ü  Algemeen voorkomen

ü  Type en stand

ü  Grootte

ü  Kleur

ü  Vleugelpatroon

ü  Slagpennen

ü  Oogkleur en oogranden

ü  Snavel

Ringmaat:  8 mm.

speciaalclub

duivenrassen

Fokkers Frisia