Zuidduitse Schildduif

c 02-17

D 438

 

Land van oorsprong: Zuid-Duitsland

Algemeen voorkomen: Krachtig, veredeld veldduiventype met middelhoge stand en bijna horizontale houding en schelpkap.

Raskenmerken:

Type

Stand

Kop

 

Ogen

Oogranden

 

Snavel

Neusdoppen

Hals

Keel

Borst

Rug

Vleugels

Staart

Benen

Bevedering

Krachtig, veredeld veldduiftype.

Middelhoog; bijna horizontale houding.

Tamelijk breed, met gewelfd voorhoofd en vrijstaande, hoog zittende schelpkap, begrensd door rozetten.

Donker.

Smal, rood bij de lakkleuren, licht tot rood bij de andere kleurslagen, rood wordt nagestreefd.

Middellang, licht.

Glad.

Middellang.

Goed uitgesneden.

Breed, goed gerond.

Breed in de schouders, licht afhellend.

Lang, breed. Vleugeldracht normaal.

Middellang, staartdracht normaal.

Middellang.

Goed ontwikkeld, glad aanliggend.

Kleurslagen:

Ø  Zwart, rood, geel; blauw- en blauwzilver ongeband;

Ø  Blauw zwartgeband, roodzilver geband, blauwzilver donkergeband, geelzilver geband;

Ø  Blauw-, blauwzilver-, roodzilver- en geelzilver gekrast;

Ø  Zwart-, rood-, geel-, lichtblauw-, blauw- en blauwzilver witgeband;

Ø  Zwart-, rood-, geel-, lichtblauw-, blauw- en blauwzilver witgeschubd;

Ø  Blauw rozegeschubd.

Kleur en tekening:

Zie voor kleuren het hoofdstuk “Specificatie van kleuren” in de NBS-standaard. De kleuren intensief, respectievelijk zuiver. Bij de lakkleuren doorgekleurde ondervleugels; vetschachten zijn toegestaan.

Bij blauw, blauw-, rood- en geelzilver schone, niet gewolkte vleugelschilden. Gekraste en witge-schubde met scherp en regelmatig getekend vleugelpatroon. Blauw- en blauwzilver witgeband en –witgeschubd met zwarte, respectievelijk donkere zoming langs de banden respectievelijk schubpatroon. Witgebande en witgeschubd lichtblauw zonder donkere zoom langs de banden respectievelijk schubpatroon. (Lichtgrijze zoom is toegestaan) en met licht uitlopende slagpen-nen voor zover niet wit). Alle banden schoon, smal, lang en gescheiden. Blauw rozegeschubd is witgeschubd met een rossige gloed in het vleugelpatroon. Grondkleur en aan elke vleugel 8 – 10 aaneengesloten buitenste slagpennen wit, het vleugelpatroon met donkere zoom. De vleugelschilden inclusief de duimveren gekleurd.

Fouten:

Klein lichaam; veerstoppels aan de voeten; smalle of scheve kap; ontbrekende of verkeerd geplaatste rozetten; snavelpigment; onzuivere of matte kleur; bij de lekkleuren matte kleur of witte veren aan de ondervleugel; roest in de banden bij blauw; erg brede, korte of gekartelde banden; aanzet tot derde band; witte veren tussen de gekleurde; minder dan 8 en meer dan 10 witte slagpennen aan elke vleugel; meer dan in totaal 1 witte of ontbrekende duimveer; gekleurde flanken, dijen of rug.

Beoordeling:

ü  Algemeen voorkomen

ü  Type en stand

ü  Grootte

ü  Kap

ü  Tekening

ü  Kleur

ü  Oog- en snavelkleur

Ringmaat:  8 mm.

speciaalclub

duivenrassen

Fokkers Frisia