Turbit

c 02-17

EMC 711

Land van oorsprong: Engeland

Algemeen voorkomen: Middelgrote compacte duif met middelhoge stand, opgerichte houding, opzij gezien bij voorkeur het oog boven de voet; lange kop, korte snavel en puntkap.

Raskenmerken:

Type

Stand

Kop

 

 

 

Puntkap

Ogen

Oogranden

Snavel

 

 

Neusdoppen

 

Hals

Borst

Rug

Vleugels

Staart

Benen

Bevedering

Middelgroot, compact.

Middelhoog; opgerichte houding.

In profiel gezien lang (ovaal), relatief groot met brede, goed lange gevulde voorkop en volle wangen. Snavel, voorhoofd en schedel vormen een ononder-broken booglijn, die in de puntkap vloeiend uitloopt. Van boven gezien moet de breedte van tussen de ogen zonder te versmallen tot in de voorkop doorlopen. Hoog aangezet, met de halsbevedering een nekkam vormend.

Groot, donker, levendig, hoogzittend.

Smal, glad en bleek.

Krachtig, breed aangezet, relatief kort, goed sluitend, de voorhoofdsronding zonder onderbreking volgend, de snavelhelften even sterk. De verlenging van de snavellijn onder het oog lopend.

Breed, vlak aanliggend, fijn van structuur, de profiellijn van de kop niet onderbrekend.

Gedrongen, breed aan de basis, met goed ontwikkelde keelwm en jabot.

Breed, goed gevuld, naar voren tredend en hoog gedragen.

Kort, breed in de schouders, afhellend.

Kort, vleugeldracht normaal.

Kort, goed gesloten, staartdracht normaal.

Middellang.

Kort en gesloten, glad aanliggend.

Kleurslagen:

Ø  Zwart, dun, rood, geel, bruin en kaki.

Ø  Blauw zwartgeband, blauwzilver donkergeband, roodzilver-, bruinzilver- en kkakizilver geband.

Ø  Blauw-, blauwzilver-, roodzilver-, geelzilver-, bruinzilver- en kakizilver gekrast.

Kleur en tekening:

Zie voor kleuren het hoofdstuk “Specificatie van kleuren” in de NBS-standaard. De kleuren gelijkmatig, intensief, respectievelijk zuiver.

Gehele bevedering wit, behalve de gekleurde vleugelschilden; aan elke vleugel 5 – 10 witte buitenste slagpennen. Gekleurde dijen zijn toegestaan.

Fouten:

Smalle borst, smal lichaam; hoge stand, te korte, ronde of smalle kop, vlak voorhoofd; dunne, rechte, lange, spitse buitende profiellijn tredende snavel; dunne hals; ontbrekende keelwam; ontbrekend jabot; rode oogranden; minder dan 5 witte buitenste slagpennen.

Beoordeling:

ü  Algemeen voorkomen

ü  Type en stand

ü  Kop, snavel en ogen

ü  Kleur en tekening

ü  Jabot

Ringmaat:  8 mm.

speciaalclub

duivenrassen

Fokkers Frisia